Het heeft even geduurd voordat stotteren aansluiting vond bij de inclusiebeweging. Dat gaat nog steeds moeizaam, omdat van ons verwacht wordt dat we vloeiend(er) leren praten. Die maatschappelijke druk is enorm, zeker op de werkvloer. Gelukkig laten steeds meer mensen hun stotterende stem horen in de media. Zij vragen om de ruimte te spreken zoals zij spreken. 🦜
Tom De La Cour: “Mijn overtuiging was dat stotteren het ergste was dat mij had kunnen overkomen. Ik verving woorden, vermeed situaties en soms zei ik helemaal niets, omdat ik bang was om vast te lopen. Eigenlijk hield ik op met mijzelf te zijn. Ik stopte met dingen doen die ik graag wilde doen en met zeggen wat ik graag wilde zeggen.” (lees verder)
Gina Waggott: “Toen Scatman John, de stotterende artiest waar ik in mijn jeugd mee correspondeerde, zei: ‘It’s so b-b-b-b-beautiful to hear you stutter’, pas toen kon ik het loslaten. Die diepgewortelde overtuiging dat ik moet klinken zoals iedereen klinkt… Tot dan toe had ik geleerd dat stotteren een gebrek is, dat je moet zien te genezen, dat betreurd moet worden, dat overwonnen moet worden. Ik wist toen nog niet dat stotteren neurologisch is, waarop wilskracht geen vat heeft. Het was niet mijn schuld dat ik stotterde, leerde John mij. Ik hoefde mij er niet voor te schamen.” (lees verder)
Leoni Lukens-Lowes: “Het gaat mij om wat ik zeg, niet hoe ik het zeg.” (lees verder)
Sanne Hans / Miss Montreal: “Ik mocht niet voorlezen. Maar toch wilde ik mij laten horen.” (lees verder)
Theun Ram: “De ene keer verwerk ik in mijn motivatiebrief dat ik stotter, de andere keer laat ik dat achterwege. Als ik word uitgenodigd, is het belangrijk dat ik de ruimte krijg. Een gemeente wees mij helaas af vanwege mijn stotteren. Er werd gezegd: ‘Ik zie dat je een beperking hebt en dat is niet erg, maar voor deze functie moet je communiceren met burgers. Dat is misschien niet wat je wilt horen, maar het lijkt me wel een probleem te gaan worden.’ (..) Maar als mijn leidinggevende zegt: stap op die persoon af, dan doe ik dat altijd, ook al kan ik dat soms spannend vinden door alle slechte ervaringen.” (lees verder)
Henk Zeggelaar: “Men verwacht het misschien niet van mij, maar tijdens vergaderingen neem ik graag het woord. Vaak wordt gedacht dat mensen die stotteren spreekangst hebben en liever niet praten in groepen. Een vooroordeel: spreekangst hangt samen met verlegenheid. Er zijn ook verlegen mensen die niet stotteren. Ik ben nooit verlegen geweest. Zo sprak ik al veel als klassenvertegenwoordiger op de middelbare school.” (lees verder)
Sophie: “Ik voel mij door het stotteren ontzettend alleen. Iedereen denkt dat je het makkelijk kunt afleren, maar als dat zo was, dan had ik dat allang gedaan. Het stotteren zorgt ervoor dat ik mij anders voel dan de anderen. Als ik iets leuks of belangrijks wil zeggen, komen de woorden er niet uit zoals ik wil.” (lees verder)
Henk Storm, in zijn oproep om in te bellen op de radio: “We hoeven onszelf niet meer te verbergen.” (lees verder)